groenten, recepten

Broccoli met knoflook, rode peper & geroosterde amandelen

broccoli met knoflook, rode peper & geroosterde-amandelen

Ik ben geen fan van broccoli. Het is een heel gezonde groente, dat weet ik natuurlijk wel. Broccoli is rijk aan belangrijke mineralen als kalium, calcium, fosfor, magnesium en aan vitamine C en B11 en levert slechts 30 kcal per 100 g.

Als ik dan broccoli koop dan doe ik er echt iets mee om de wat ik aanduid als “veilige ” smaak een beetje op te peppen. Ik maak dan bijvoorbeeld deze versie van Ottolenghi met knoflook en rode peper, die ik iets versimpeld heb. De dressing met gebakken knoflook en rode peper, die je warm door de broccoli schept, geeft hem lekker wat pit.

Makkelijk te maken, weinig ingrediënten én gezond, wat wil je nog meer?

Broccoli met knoflook, rode peper & geroosterde amandelen (4 personen)


750 g broccoli, in roosjes
4 el extra vierge olijfolie
2 grote tenen knoflook, in plakjes
1-2 rode pepers, in ringetjes
sap van 1/2 citroen
vers gemalen peper, zout
2 el amandelschaafsel


Kook de broccoli in de stoomoven of in ruim water met zout beetgaar in ± 2 min. Giet af, spoel koud en laat uitlekken in een vergiet. Verhit de olie op de laagste pint en fruit hierin de knoflook bijna zonder dat deze kleurt. Voeg de rode peper toe en fruit 1 min. mee. Doe de broccoli in een schaal en schep de warme olie erdoor. Voeg het citroensap toe en maak op smaak met peper en zout. Rooster het amandelschaafsel in een droge koekenpan goudbruin en laat 15 min. afkoelen.  Schep de broccoli nog een keer om en bestrooi met de amandelen.

recepten, vlees

Wiener schnitzel

Wiener schnitzel

Met dit weer heb ik heimwee naar de vakantie en is het de hoogste tijd voor een kleine serie gerechten uit de landen waar ik deze zomer was. Ik trap af met Duitsland. Ik weet wel dat de Wiener schnitzel daar niet vandaan komt, maar hij staat op de menukaart van elk eettentje, restaurant of hotel. Meestal aangeduid als Schnitzel auf Wiener Art.

Het geheim van de schnitzel zit ‘m in de korst. Die moet lekker knapperig en een beetje dik zijn. Dus royaal paneren, met grof paneermeel. Dan het bakken: je moet niet zuinig zijn met boter, en beweeg de schnitzel de eerste anderhalve minuut absoluut niet. Misschien lukt het je de eerste keer niet perfect, maar oefening baart kunst.

Ik vind schnitzel het allerlekkerst met handgesneden dikke frites en sla. In Zuid-Duitsland kregen we er frisse cranberry-compote bij. Je kunt hem zelf maken, maar hij is ook te koop in potjes. Heb je de biologische van Terschelling al eens geprobeerd?  Echt heerlijk!

Wiener schnitzel (4 personen)


4 ongepaneerde kalfs- of varkensschnitzels van 150 g
versgemalen peper, zout
2 el bloem
2 eieren, losgeklopt met 1 el water
100 g semmelbrosösel (grof paneermeel, supermarkt)
50 g boter
1 citroen, in parten


Sla de schnitzels iets platter tussen plasticfolie en wrijf ze aan beide kanten in met peper en zout. Doe de bloem, de eieren en de semmelbrösel elk in een apart diep bord. Haal de schnitzels eerst door de bloem, klop het teveel af en haal ze daarna door het ei en de semmelbrösel. Zorg dat het hele lapje vlees goed bedekt is met een dikke laag paneer. Leg de schnitzels eventueel afgedekt koel weg tot gebruik.

Verhit de boter in een ruime koekenpan en bak de schnitzels hierin goudbruin en gaar. Beweeg ze de eerst anderhalve minuut absoluut niet en keer ze dan pas, zodat een goede korst kan ontstaan. De tweede kant kun je iets korter bakken. Serveer direct, met de citroen. Lekker met frites, cranberry-compote en salade.

groenten, klein gerecht, recepten, sauzen

Gele tomatensalsa

gele tomatensalsa

In mijn tuin staat een kleine kas en daarin kweekte ik deze zomer 5 soorten tomaten, waarvan 2 gele: een tros-tomaat en de Yellow pearshaped. Wist je dat de gele tomaat het meest op de oorspronkelijke tomaat lijkt? De Spanjaarden namen de tomatenplanten in de vijftiende en zestiende eeuw uit Zuid-Amerika mee naar Europa. In eerste instantie als kostbare sierplant, want men dacht dat de vruchten giftig waren. Gelukkig ontdekte men in de 18e eeuw in Italië dat de ‘pomo d’oro’, dat ‘gouden appel’ betekent, eetbaar was. Hij is niet meer weg te denken uit de wereldkeuken! De rode kleur is ontstaan door kruisingen.

Met de laatste oogst van mijn planten maakt ik deze gele tomatensalsa. De grote gele tomaten zijn aromatisch en zeer sappig. Dat betekent dat ze, als je ze snijdt, ook veel sap loslaten. Ik heb de salsa daarom even laten staan en het teveel aan sap afgegoten (en in een soep gebruikt)

Zoals je misschien intussen weet kan ik zelf geen ui eten, maar voeg voor een iets pittigere salsa een gesnipperd sjalotje toe. Je kunt deze salsa natuurlijk ook met rode tomaten maken, maar dat geeft wel een ander effect en hij smaakt ook een beetje anders. Ik serveerde de salsa met roze tortillachips, die ik maakte door bietenwraps* knapperig te bakken in een droge koekenpan en in driehoekjes te knippen.

Gele tomatensalsa 


250 g gele tomaten
2 tenen knoflook, fijngehakt
1/2 rood pepertje, zaadlijsten verwijderd, fijngehakt
2 el extra vierge olijfolie
1 el limoensap
versgemalen zwarte peper, zout
paar takjes koriander, fijngegsneden


Snijd de tomaten klein, schep ze om met de knoflook en de rode peper en zet afgedekt 1 uur weg op kamertemperatuur. Schenk het teveel aan sap af en schep er de olie en het limoensap door. Maak de salsa op smaak met peper en zout en bestrooi met koriander. Lekker als dip, bij gegrild vlees of gegrilde vis.

*groente-wraps van No Fairyrtales zijn te koop bij Albert Heijn, Jumbo en Deen. Je vindt ze bij de koelverse pasta.

groenten, klein gerecht, recepten

Bloemkoolcouscous

bloemkoolcouscous

Een tegenstander van het eten van koolhydraten ben ik niet, maar ik let er wel op dat ik er niet te veel van eet op een dag. Los van het feit dat ze wat zwaar kunnen zijn, heb ik er ook niet altijd zin in. Een bijgerecht als dit is dan een uitkomst. En nog snel klaar ook!

De korrels doen denken aan couscous, maar het zijn toch echt zeer fijne rauwe bloemkoolkorrels. Ik kom zelf vaak uit op deze combinatie en eet er dan merguez bij, maar je kunt er doorheen doen wat je zelf lekker vindt of in huis hebt natuurlijk. De ervaring leert dat je er beter geen restje van kunt bewaren, want ondanks dat je het de volgende dag nog prima kunt eten, is de geur niet echt geweldig meer…

Bloemkoolcouscous (4 personen)


1 grote hagelwitte bloemkool, in roosjes
150 g feta, in blokjes
50 g zwarte olijven
sap van 1/2 citroen
4 el extra vierge olijfolie
1/2 tl gemalen komijn
1/2 tl gemalen korianderzaad
versgemalen peper, zout
100 g granaatappelpitten
1/2 bosje koriander, grof gesneden


Maal de bloemkoolroosjes in gedeelten in een keukenmachine tot fijne korrels en doe ze over in een kom. Schep de feta en de olijven erdoor. Klop een dressing van het citroensap met de olie, de specerijen en peper en zout naar smaak en schep hem door de bloemkoolkorrels. Laat de smaken 15 min. intrekken en spreid de bloemkoolcouscous dan uit over een schaal, Garneer met de granaatappelpitten en de koriander en bedruppel met nog wat olie. Serveer direct.

groenten, recepten, soepen

Courgettesoep

courgettesoep

In mijn vorige post zei ik al dat ik 2 courgettes van samen tweeënhalve kilo had gekregen. Dik, dus met veel pitten. Van een deel van de buitenkant maakte ik courgette-aardappelkoekjes. De rest ging allemaal in deze soep. En die is erg lekker geworden! Hij is weer heel anders dan de courgettesoep die al eerder op mijn blog verscheen.

Ik maakt er ‘la soupe’ van, de soep die ik als klein meisje tussen de middag in Frankrijk kreeg. Als je die maar at, dan was het goed en mocht je de rest van de maaltijd af en toe iets overslaan. In die soep gingen alle restjes groenten en wat er nog meer over was of op moest en dat deed ik ook! Ik had nog een pot lamsfond, er zat nog één paddenstoelen-bouillontablet in het doosje en verder gingen, naast de courgette,  alle restjes groente en aardappel erin. Dit alles zorgt voor een voedzame soep met een volle smaak.

Een deel van de soep heb ik in eenpersoonsporties ingevroren. De crème fraîche roer je er pas door als je de soep serveert. Dus die moet je niet mee-invriezen. Het kan geen kwaad, maar de soep is dan niet meer mooi omdat de zuivel bij het ontdooien schift.

Courgettesoep (2 l)


4 el olijfolie om in te bakken
2 grote tenen knoflook, in plakjes
2 kg courgette, in stukken
1 pot lamsfond à 350 ml*
1 paddenstoelen-bouillontablet
rood pepertje
takje lavas
snuf gemalen komijn
vers gemalen zwarte peper, zout
citroensap
demi crème fraîche


Verhit de olie in een soeppan en fruit hierin de knoflook 2 min. op lage pit zonder dat hij kleurt. Voeg de courgette toe en bak 2 min. omscheppend mee. Schenk de fond erbij, voeg 3 potten water en het bouillontablet toe en breng aan de kook. Doe het pepertje en de lavas in de pan en laat 30 min. zachtjes koken. Pureer de soep en maak hem pittig op smaak met peper, eventueel zout en citroensap. Schep de soep in kommen en marmer er een lepel demi crème fraîche door.

groenten, recepten

Courgette-aardappelkoekjes

Courgette-aardappelkoekjes

Vorige week kreeg ik van mijn  tante twee enorme courgettes die samen tweeënhalve kilo wogen! Zulke exemplaren hebben meer pitten dan vruchtvlees en ik besloot er daarom twee gerechten mee te maken: deze hartige koekjes en een geurige soep. Voor de koekjes gebruikte ik vooral het stevige buitenste deel met schil. En de rest dus voor een courgettesoep.

Courgette is door zijn neutrale smaak een allemansvriend, maar kan ook wel flauw zijn. Kortom hij kan wel wat extra’s gebruiken. Ik voegde daarom ook wortel toe en maakte het mengsel hoog op smaak met Tabasco, groene kruiden, citroenrasp en zwarte peper.

Verder zorgen aardappel en geraspte kaas samen met volkorenmeel en eieren voor de binding. De koekjes zijn lekker als vegetarische maaltijd (roer er dan eventueel meer kaas door) of als bijgerecht van kip, schnitzel of worstjes.

Courgette-aardappelkoekjes (12 stuks)


450 g courgette
200 g aardappel
100 g wortel
2 tenen knoflook, uit de pers
rasp van 1 biologische citroen + kneep citroensap
50 g geraspte oude kaas
2 el geknipte munt & dragon
vers gemalen zwarte peper, zout
Tabasco
2 eieren
± 125 g volkorenmeel
zonnebloem- of arachideolie om in te bakken

Rasp de groenten grof en laat uitlekken in een zeef. Schep de knoflook, de citroenrasp en het -sap, de kaas en de kruiden erdoor en maak op smaak met peper, zout en Tabasco. Roer de eieren erdoor en voeg zoveel meel toe dat een een stevig, smeuïg beslag ontstaat. Dek af en zet tot gebruik in de koelkast.

Verhit een laag olie in een ruime koekenpan of braadpan en schep er met behulp van twee lepels, 3-4 bergjes beslag in. Zorg voor voldoende tussenruimte. Druk iets platter en bak de eerste kant op middelhoge pit in 3-4 min. goudbruin. Keer de koekjes en bak de andere kant nog 3 min. Laat uitlekken op keukenpapier. Ga zo door tot het beslag op is. Lekker met sriracha- of tartaresaus.