Natuurlijk kon ik dat restje zuurkool,  aardappelpuree en casselerrib gewoon net als anders bewaren als eenpersoons kliekjes-maaltijd. Maar dat deed ik nu eens niet: ik had nog meer dingen liggen en die ging ook allemaal in deze zuurkooltaart! No waste dus.
Varieer gerust met wat je zelf nog in huis hebt, altijd goed. Een restje kip, eend of worst, banaan of ananas voor een zoetere variant, gewoon proberen.

Omdat ik gepofte kastanjes van eigen boom had liggen, zitten die ook in de taart. Ze geven hem een echte herfstsmaak. Je kunt ze weglaten, maar ze zijn nu ook gekookt te koop bij de groenteman en de supermarkt.

Voor een knapperig korstje gebruik ik altijd semmelbrösel, grof paneermeel van witbrood. Je kunt het eventueel vervangen door fijngewreven beschuit.

Zuurkooltaart (4 personen)


7 plakjes deeg voor hartige taart, ontdooid
boter
100 g gerookte spekreepjes
1 geschilde goudrenet, in dunne plakken
aardappelpuree van ongeveer 6 grote aardappelen
± 150 g gare casselerrib, in plakken
± 300 g gare zuurkool
1/2 rode paprika, in reepjes
hand vol gepofte kastanjes, grof gesneden
3 el semmelbrösel
3 el pittig belegen geraspte kaas


Verwarm de oven voor op 200°C. Klem een stuk bakpapier tussen bodem en wand van een springvorm van 24 cm ø en vet de vorm goed in. Leg de deegplakjes op elkaar en rol ze op een met bloem bestoven werkvlak uit tot een dunne lap. Bekleed de vorm ermee. Verhit een klontje boter en bak de spekreepjes hierin op de laagste pit. Leg de appel erbij en laat zacht worden. Verdeel de helft van de aardappelpuree over het deeg en schep de zuurkool en de paprika erop. Verdeel de appel, het spek en de kastanjes erover en dek af met de rest van de puree. Strijk glad en bestrooi met de semmelbrösel en de kaas. Bak de taart in 30-35 min. gaar en goudbruin. Haal de taart uit de oven en laat hem 5 min. staan alvorens hem aan te snijden. Gebruik hiervoor een licht gekarteld mes.

Pin It on Pinterest